Column: Zijn acceleratorprogramma’s nu echt groeiversnellers?

Meer dan twee maand na afloop van het UCLL Female Founders Acceleratorprogramma sijpelt de impact ervan langzaamaan door. Ik hoor de deelneemsters praten over dingen vastpakken, dingen anders aanpakken (“ik werk nu meer gestructureerd dan ervoor”), meer delegeren (“over alles wat ik nu vastneem, denk ik tweemaal na. Moet ‘ik’ dat nu doen?”), over nieuwe aanwervingen, meer tijd maken om aan je bedrijf te werken in plaats van in je bedrijf, enz.

De eerste €1 miljoen omzet mijlpalen liggen voor enkele deelneemsters binnen bereik. “Wie als eerste de kaap haalt, …” werd even geopperd, maar de wedstrijddruk werd er al snel afgehaald. “Elkeen die de kaap haalt, heeft reden voor een feestje”, besloten ze in koor tijdens de eerste Deelcirkel na afzwaai die gehost werd door Karine Valy van concept store La Bottega in Hasselt.

Dit is natuurlijk de feedback van – slechts – een klein staal van onderneemsters. Ruimer bekeken doet het Global Accelerator Learning Initiative (GALI), een samenwerking tussen het Amerikaanse Aspen Network of Development Entrepreneurs (ANDE) en de Emory University, sinds 2015 onderzoek naar het effect van acceleratorprogramma’s. Zij definiëren deze als een in de tijd beperkt programma (met een duurtijd van drie tot zes maand) waarbij (startende) ondernemingen in groep begeleid worden en meestal ook in contact worden gebracht met mogelijke investeerders.

Uit hun studieresultaten blijkt dat bedrijven die deelnemen aan zo’n programma een omzetgroei realiseren van 50% in het daaropvolgend jaar. Bedrijven die niet geselecteerd worden zien hun inkomsten toenemen met ‘slechts’ 30%. Dezelfde impact stellen ze vast wat de groei in aantal medewerkers betreft: 47% stijging voor deelnemers versus 30% voor wie niet participeert. Ook in de (extra) financiering lopen deelnemende bedrijven voorop met 30% toename tegenover 22% voor de andere bedrijven.

Deze resultaten maken geen onderscheid tussen vrouwelijke en mannelijke founder teams. In een ander onderzoek echter, waarvan de resultaten in september 2019 werden gepubliceerd, keek GALI door een – wat ze zelf omschrijven als – gender-bril naar meer dan 19.000 start-ups (‘ventures’) in meer dan 150 landen met meer dan 280 acceleratorprogramma’s. Van alle onderzochte start-ups hadden er 15% enkel vrouwelijke oprichters, 36% hadden gemengde founder teams en rest exclusief mannelijke founders.

Op het ogenblik van de aanmelding voor de programma’s hadden 48% van de teams met enkel vrouwelijks oprichters reeds inkomsten versus 43% van male-only teams. Wat het aantal en het aanwerven van medewerkers betreft daarentegen liepen de ‘vrouwelijke’ teams achter op de ‘mannelijke’ (53% versus 60%).

De opvallendste verschillen waren te vinden in de aandelenfinanciering van de start-ups. 19% van de mannelijke teams hadden externe aandeelhouders versus 7% van de vrouwelijke, die tegelijk ook minder schuldfinanciering hadden. Op vlak van filantropie liepen de vrouwelijke oprichters dan weer voorop met 29% in vergelijking met 22%.

Op de vraag wat onderneemsters zoeken in een acceleratorprogramma gaven ze aan vooral nood te hebben aan business vaardigheden en mentoring. Hun fundraising doelstellingen lagen significant lager dan die van hun mannelijke tegenhangers: $115.000 tegenover $300.000 m.a.w. de lat van de onderneemsters lag minder dan half zo hoog als die van de ondernemers in de programma’s. Nog frappanter is dat vrouwelijke start-ups na deelname aan de acceleratorprogramma’s minder extern kapitaal ophaalden dan gemengde of puur mannelijke teams.

Terug naar de eerste editie van het UCLL Female Founders Acceleratorprogramma. Er namen 14 bedrijven deel met vrouwelijke (co-)founders. Een minderheid ervan waren start-ups, het merendeel had al meer dan vijf jaar op de teller. Mijn persoonlijke conclusies na afloop van het programma lopen enigszins gelijk met die van het onderzoek.

De meeste deelneemsters stonden vrij avers tegenover externe financiering in de vorm van kapitaal. Voor een aantal stonden externe aandeelhouders synoniem met niet-gewenste inmenging en beknotting van de vrijheid om je eigen ding te kunnen doen. De sessies over externe financiering en pitchen voor extern kapitaal werden door de meesten als niet relevant of nuttig ervaren. De aandacht voor en het op de radar halen van de eigen kerncijfers en financiële parameters daarentegen nam bij de meeste deelneemsters toe tijdens het programma, weg van ‘ik maak er te weinig tijd voor’ of ‘ik heb de cijfers onvoldoende in de vingers’.

Een aantal breidden hun team al aanzienlijk uit sinds deelname aan het programma. Het 90-dagen-plan (de langere termijn opknippen in een eerste korte termijn) en vooral de hand leggen op de concrete te zetten stappen na elke module werden ervaren als een echte meerwaarde. En tenslotte de hamvraag: houdt het steek om het programma enkel te richten op female founders? Vooraf werd ik vaak bevraagd over het waarom hiervan terwijl de inhoud van het programma gender-neutraal kleurde. Ook sommige deelneemsters hadden hun bedenkingen bij aanvang, of het enkel onder vrouwen vertoeven een meerwaarde zou hebben.

“Ik heb geen behoefte aan een breiclub als ik me-time zoek, verwoordde een van de deelneemsters het. Ik teken voor een paar uur ontsnappen uit de dagdagelijkse klei van het ondernemen, tussen experten en onderneemsters die grotendeels hetzelfde ervaren en met een kritische maar constructieve blik even naar mijn ondernemerspijnen willen luisteren. Die paar uur reflectie over mezelf en mijn bedrijf in een sfeer van sisterhood maken voor mij hét verschil.”

De inschrijvingen voor de volgende editie van het Female Founders Acceleratorprogramma, dat inhoudelijk op basis van de feedback en evaluatie van de alumnae werd bijgesteld, zijn geopend. Deze editie, met acht modules van drie à vier uur om de twee weken, loopt van 24/9/2020 tot 30/1/2021

Registreren kan via www.ucll.be/studeren/navorming/femalefoundersacademy

Véronique Bockstal
Gastdocente UCLL en female founder
Download artikel
Deel dit artikel